Smering

Smering is voor elke lagertoepassing essentieel. Er zijn twee methoden voor smering: met behulp van vet of met behulp van olie. Een smeermiddel heeft primair drie functies:

- Slijtage voorkomen of proberen te verminderen

- De wrijving in het lager op een laag niveau houden

- Het binnendringen van vuil tegengaan

Andere functies van smeren zijn: bescherming tegen corrosie, het afvoeren van warmte en van slijtagedeeltjes en ondersteuning van de afdichtende werking. Voor de smering van lagers onder normale omstandigheden wordt in de meeste gevallen vet gebruikt. Vet heeft het voordeel boven olie dat het gemakkelijker in het lager kan worden vastgehouden. Vanaf fabriek zijn standaard afgedichte lagers al van vet voorzien. De hoeveelheid is dan ongeveer 30% van de vrije ruimte in het lager. Meer vet is niet nodig, want dan is het nadelig voor het goed functioneren van het lager doordat de bedrijfstemperatuur dan sneller gaat stijgen.

Smeervetten

Smeervetten bestaan uit minerale of synthetische oliën. Het standaard kogellagervet wordt gemaakt op basis van lithiumzeep dat een bedrijfstemperatuur heeft van -30°C tot +110°C. Afhankelijk van de werkomstandigheden van de lagers zijn er uiteraard ook andere smeermiddelen mogelijk zoals bij zeer lage of juist zeer hoge temperaturen, bij extreme toerentallen of zware belastingen.

Oliesmering wordt vaak gebruikt in toepassingen die reeds oliesmering hebben, waar gebruik gemaakt wordt van een centraal smeersysteem of waar olie wordt gebruikt als koelmiddel. Eveneens wordt oliesmering vaak toegepast wanneer door hoge toerentallen of hoge bedrijfstemperaturen vetsmering niet meer toegelaten wordt.